Reisverslag

Het ongerepte Laos

Bezocht door: Nathalie

Landen op de luchthaven van Luang Prabang in Laos is fenomenaal: groene glooiende heuvels en dichtbeboste jungle voor zover het oog reikt, met als enige breekpunt in het landschap de machtige Mekong rivier die op dit tijdstip van het jaar een mooie contrasterende modderachtige kleur heeft. Op het kleine vliegveld komen maar een handvol vliegtuigen per dag aan, geen grote Boeings of Airbussen, geen hordes toeristen. Niettemin er ontzettend veel te zien is in Luang Prabang, heerst er een heel rustige en vredige sfeer. De oude koningsstad in haar geheel is Unesco Wereld Erfgoed. Ontelbare tempels liggen her en der verspreid en ’s ochtends doen in oranje geklede monniken hun ronde om aalmoezen te verzamelen. Hier mogen geen nieuwe hotels gebouwd worden, enkel bestaande gebouwen mogen geconverteerd worden in kleinschalige hotels met een beperkt aantal kamers. In Laos ligt het tempo lager dan waar dan ook in Zuidoost-Azië, en dit is volgens mij de échte charme van Laos, en mede dankzij deze ‘kleinschaligheid’ – van luchthavens over hotels – zal dit hopelijk nog lang een goed bewaard geheim blijven.

In Luang Prabang verblijven we in het prachtige ‘Amantaka’ hotel, de absolute top in Luang Prabang. Een elegant minimalistisch hotel, voorheen een koninklijk paleis en later een hospitaal. ‘La Residence Phou Vao’, een klassiek Orient-Express hotel, is dan weer vooral bekend om het mooiste zicht over de jungle vanuit hun overloopzwembad. Voor wie fan is van de stijl van de Aman hotels, maar een goedkopere optie zoekt, is ‘De La Paix’ een waardig alternatief. Helemaal iets anders is ‘Satri House’, een warm boetiek hotel barstensvol karakter. Dit voormalige huis van de 1ste president van Laos is smaakvol ingericht met antiek en andere hebbedingetjes en overal zijn er verborgen hoekjes waar gasten kunnen relaxen. En dan is er tot slot nog het ‘Xiengthong Palace’, met een absolute toplocatie, maar er is geen zwembad net zoals in alle andere hotels die in het historische Unesco gebied liggen.

Even buiten het stadscentrum van Luang Prabang, ligt ‘The Living Land Company’, een gemeenschapsproject dat op een heel ludieke en interactieve manier aan jong en oud de levenscyclus van rijst uiteenzet. Nog zo’n project is ‘Ock Pop Tock’, een fairtrade textielbedrijfje waar je zelf kan leren ontwerpen of waar je zoals ik gewoon in de leuke shop enkele van de schattigste kleine stoffen olifantjes kan kopen.

Na ontelbare bochten en prachtige panorama’s, al klimmend en dalend door de heuvels, komen we vervolgens aan in het ‘Riverside Boutique Resort’ in Vang Vieng, een klein dorpje aan de oevers van de Nam Song Rivier omgeven door spectaculair karstgebergte. Een bestemming die vooral de jongere generatie en de avonturiers weet te bekoren.

De volgende dag reizen we door naar Vientiane, de hoofdstad van Laos. We bezoeken er de Wat Sisaket, een tempel met duizenden miniatuur Boeddha beeldjes in nissen in de muren en gaan op bezoek bij een monnik die onze vragen beantwoord over Boeddhisme. Daarna gaan we heerlijk eten in ‘Makhpet’, een restaurant waar ze straatkinderen opleiden tot echte koks en serveerders. En bezoeken we het ‘Cope Visitor Centre’, een klein museum over wat Cope doet voor de vele slachtoffers van blindgangers die na de Vietnamoorlog nog steeds een ravage aanrichten in Laos. Laos is het meest gebombardeerde land in de wereldgeschiedenis, en dat terwijl het eigenlijk een neutrale positie had in de oorlog tussen de Verenigde Staten en Vietnam.

In Vientiane verblijven we in het klassieke Frans-koloniale ‘Settha Palace’, het enige 5-sterren hotel in Vientiane, naast het ‘Green Park Boutique Hotel’, maar dit laatste ligt redelijk ver van het centrum. Mijn voorkeur gaat echter uit naar de 4-sterren accommodatie ‘Ansara’ en ‘Salana’, er is geen zwembad omdat het naast tempels ligt en dit daarom wettelijk niet mag, maar beide hotels liggen wel heel centraal.

Tot slot reizen we verder naar het zuiden van Laos, naar de regio van Champassak, waar de Khmerruïnes van Wat Phu liggen (ouder dan Angkor Wat!). De site is in een constante strijd tegen de oprukkende jungle en de hevige moessonregens. Veel muren zijn ingestort en stenen zijn verweerd en met mos bedekt. Er zijn plannen dat Unesco het complex zou restaureren, net zoals ze dat ook bij Angkor Wat hebben gedaan. Misschien is het dus wel net nú het moment om Wat Phu nog te gaan bezoeken, want eerlijk… het is waarschijnlijk dit verval die deze plek zo romantisch en mysterieus maakt. Champassak is ook de provincie van de 4000 eilanden, een gebied met watervallen (waaronder Pha Pheng, de breedste ter wereld!), stroomversnellingen en de zeldzame Irrawaddy-zoetwaterdolfijnen. Maar de leukste attractie hier is het dagelijkse leven gadeslaan… Per fiets over de kleine ongeasfalteerde baantjes tussen de rijstplantages en de dorpjes op de eilanden of vanop een bootje op het water terwijl de vissers hun netten uitslaan en de kinderen in het water spelen. En dan, wanneer de reis ten einde loopt, de laatste avond afsluiten met een drankje op de boot van ‘The River Resort’ bij een fenomenale zonsondergang …

TERUG NAAR REISVERSLAGEN

Fotoboek

Nieuwsbrief

Wilt u als eerste op de hoogte zijn van promoties, nieuwe reizen en onweerstaanbare bestemmingen?

Schrijf u in op onze nieuwsbrief!